Binnen in mijn hart brandt een pijn
waarvan de herkomst mij ontgaat.
Een opiumroes als heilegenschijn
rond mijn valse hoon en smaad
en hybride spikkels van angst die zijn
als sterren die de hemel niet toelaat.

Binnen in mij valt stilte in vlokken.
De ridder staat bij de poort en wacht...
En de kou, het ijs in witte blokken
strooit starre vlekken in de stille nacht...
Aan al mijn weerzin heb ik mij ontrokken,
mijn ziel ligt plat terneer en smacht.

Binnen in mijn denken heerst verdriet...
Een rilling loopt door mijn lichaam heen
als de stroming in water die men niet ziet
maar wel aanwezig weet. Hetgeen...
In het nachtelijk donker vonkt mijn apathie
onder de doffe hamerslagen van mijn spleen.

 

Fernando Pessoa
(7 augustus 1914)